Bij EU is taaldiscriminatie heel gewoon

EU-vlaggen in 2007
Sommige talen zijn gelijker dan andere talen in de EU

Ooit heb ik me laten wijsmaken dat alle talen in de Europese unie gelijkwaardig zijn, maar in de praktijk klopt er in ieder geval geen donder van. Je hoeft maar op internet te gaan speuren naar de diverse EU-organisaties en je merkt dat daar toch vooral Engels en Frans wordt gesproken en in mindere mate Duits. Het EU-bureau voor personeelsselectie discrimineert stevig op taal. Als je een positie bij de EU ambieert, dan dien je je te bedienen van of Frans, of Engels of Duits.
Dat bureau moet na een uitspraak van het Europese gerechtshof zijn taalbeleid veranderen. Niet dat de sollicitant nu wel van zijn/haar erkende EU-taal gebruik mag maken, maar zij/hij kan in ieder geval het sollicitatieformulier in de eigen taal invullen. Daarna zal zij/hij toch echt moeten kiezen: naast de ‘grote’ drie mag Italiaans of Spaans nu ook. Alle talen in de EU zijn gelijk, sommige talen zijn alleen wat gelijker dan andere talen.
Ik krijg steeds een grotere hekel aan dat kapitalistische bouwwerk dat EU heet, ondanks alle mooie verhalen die in EU-kringen over de eigen doelstellingen worden opgehangen. Taaldiscriminatie is geen vies woord in de EU.

Bron: Onze Taal

Google maakt veel werk van direct vertalen

Direct vertalen bij Skype
Via Skype kun je elk in een andere taal met elkaar converseren. De taalparen zijn beperkt.

Google Translate is tegenwoordig, in ieder geval voor het Nederlands, vrij aardig, maar het is een vrij simpel systeem dat afhankelijk is van vertaalde woordzinparen (al schijnt het tegenwoordig iets ingewikkelder te zijn dan dat). Dat is problematisch bij talen die door relatief weinig mensen gebruikt worden of waarvan, om wat voor een reden dan ook, weinig geschreven teksten zijn. Nu hebben Google-onderzoekers, die zich onder meer bezighouden met kunstmatige intelligentie, een systeem ontwikkeld dat gebruik maakt van neurale netwerken en die de gesproken taal direct omzetten in een tweede taal (al of niet gesproken). Lees verder Google maakt veel werk van direct vertalen

Weg met de ondertiteling

Hans Bennis, directeur TaalunieHans Bennis, afkomstig van het Meertensinstituut, is net benoemd als directeur van de Taalunie of hij gooit al de knuppel in het hoenderhak: Spreken Vlamingen en Nederlanders nog wel dezelfde taal? Ik zou zeggen dat dat een vreemde vraag is voor iemand in zijn positie. Had hij zich die vraag niet moeten stellen voordat hij die baan aannam? De Taalunie, zal Bennis ook wel weten, heeft belangrijke taken gekregen op het gebied van de ‘verzorging’ van het Nederlands. Dan hebben we het over taalbeleid, taalinfrastructuur en taalgebruik. Die taal is dan de gemeenschappelijke taal van Nederland, Vlaanderen, Suriname en de Antillen: het Nederlands. Tenminste, daar gaat de Taalunie vanuit.
Het is zeker waar dat er in de diverse delen van dit taalgebied eigenzinnige bloempjes ontstaan, maar maken die taalvarianten de lokale taal ineens geen Nederlands meer? Nederlanders, en vooral randstedelingen, zijn uitzonderlijk taalintolerant (ik veralgemeen hier enigszins). Iemand hoeft maar een een kleine taalafwijking in woordgebruik of uitspraak te bezigen of de randstedeling vraagt of die ‘boer’ geen Nederlands kan spreken. Het lijkt er op dat dat verschijnsel in Vlaanderen ook voorkomt. Ik heb me laten wijsmaken dat West-Vlamingen op de Vlaamse tv ook ondertiteld worden. Ondertiteling bevordert de taalintolerantie, is mijn stelling.

Engels

Wat ik zo grappig vind is dat ik dat in de Engelstalige wereld nog niet gezien heb. Australische films worden in Engeland en Amerika niet ondertiteld, althans, ik heb dat nog nooit gezien. Verzin zo nog maar een paar Engels/Engelse cominaties. Ik heb ook de indruk (en nee, ook daar heb ik  geen onderzoek naar gedaan) dat de taaltolerantie van Engelssprekenden ten opzichte van van afwijkingen van de eigen taal aanzienlijk groter is dan van de Nederlandssprekenden. Ik heb vele bijeenkomsten in den vreemde meegemaakt, waar niet Engelstaligen in het Engels een verhaal moesten houden.

Mijn Engels is, denk ik, niet heel erg slecht, maar ik heb menigmaal grote moeite gehad betogen van die niet-Engelstaligen te volgen, terwijl Engelstaligen daar, gehoord de reacties, vaak veel minder moeite me hadden. Goed, die hebben natuurlijk het voordeel dat het hun eigen taal is, maar het leek er op dat ze weinig moeite hadden met, soms aanzienlijke, taalafwijkingen. Ik weet het, dat is geen echt wetenschappelijke onderbouwing van mijn stelling, maar laten we om te beginnen de proef op de som nemen en die ondertiteling van Nederlandse en Vlaamse films en series opdoeken. Weg ermee. Dat levert ook nog eens geld op, Hollanders!

Rutte II ondermijnt positie van Nederlands verder

Tweetalige kinderopvang en peuterspeelzalenNadat de vertweetaliging van het basisonderwijs door het parlement is goedgekeurd, werkt het kabinet Rutte II aan een verdere ondermijning van de positie van het Nederlands door ook de kinderopvang  en peuterspeelzalen te vertweetaliging door toe te staan tot maar liefst 50% van de tijd. Heel braaf wordt daarbij gezegd dat het om vermeertaliging gaat (Frans, Duits en Engels), maar in de praktijk komt dat neer op verengelsing.
Officieel is dat een experiment, maar in Nederland worden dat soort experimenten in het onderwijs vaak probleemloos omgezet in de normale praktijk. Argumenten doen hierbij helemaal niet ter zake.  In het basisonderwijs loopt (volgens mij) nog steeds een proef met tweetalig basisonderwijs op twaalf scholen, maar het parlement heeft de vertweetaliging van het basisonderwijs al goedgekeurd.
Het nieuwe ‘experiment’ komt uit de koker van de nieuwe PvdA-leider Lodewijk Asscher, nu nog minister van sociale zaken, die al in zijn Amsterdamse tijd een groot voorstander was van tweetalig basisonderwijs. De man is recent het nieuwe opperhoofd van de PvdA geworden en ik hoorde dat hij vindt dat er een nieuwe patriottische wind moest waaien in Nederland (of zoiets dergelijks). Wat mijnheer Asscher daarmee bedoeld is me volslagen duister. Het Nederlands maakt daar in ieder geval geen onderdeel van uit.

Waar blijven die neerlandici? (2)

Vorig jaar vroeg ik me af (ik vraag het me al jaren af): Waar blijven die neerlandici? Eindelijk lijkt er in Nederland een discussie ontbrand over de verregaande verengelsing van het universitaire onderwijs. De Volkskrant constateerde dat 60% van het universitaire onderwijs in het Engels is en de tendens is naar meer (Engels). Daarop reageerde Volkskrantredacteur Martin Sommer met een pleidooi voor de herinvoering van het Nederlands (Nee tegen stone coal English). Daar volgden reacties op in de Volkskrant, maar ook in NRC Handelsblad. Stukjesschrijver Louise Fresco, voorzitter van de raad van bestuur (!) van Wageningen Universiteit (!), probeerde met een reeks rammelende argumenten de keuze voor het Engels te rechtvaardigen.

Op allerlei andere plaatsen werd ook een steentje bijgedragen aan de discussie. Het was een beetje laat, maar eindelijk krijgt de Nederlander in de gaten dat zijn taal om hals gebracht wordt door al te ambitieuze regelaartjes in de universiteitswereld. Die moeten omzet draaien. Nog steeds heerst er een doodse stilte van het ‘front’ der neerlandici. Waar blijft hun stem? Ik hoor ze niet. Ze zouden op zijn minst kunnen opkomen voor hun eigenbelang. Wie aan hun taal zit, zit aan hun werkgelegenheid, maar, voor zover ik het bijhoud, speelt bij neerlandici de taalverdringing van het Nederlands in Nederland niet.

Een tijdje terug maakten enkele hoogleraren zich druk over het saaie vak Nederlands. Dat moet flitsender.  Uitstekend, het kan me niet flitsend genoeg, maar waar blijft hun protest tegen de verengelsing van het middelbaar en lager onderwijs? Of vinden ze het allemaal wel okay zo? Deels dezelfde hoogleraren maakten zich eerder, terecht, druk over het Nederlands in het universitair onderwijs in den vreemde, maar blijven stil als de 2de Kamer enthousiast instemt met de vertweetaliging van het Nederlandse basisonderwijs. Dat lijkt een beetje op pennywise en poundfoulish (om eens leentjebuur te spelen bij de Angelsaksen).

 

KNAW gaat op herhaling

De omslag van het rapport "Nederlands, tenzij..." uit 2003
De omslag van het rapport “Nederlands, tenzij…” uit 2003

De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) kreeg in 2004 de eerste Lofprijs der Nederlandse taal voor het rapport “Nederlands, tenzij…” Inmiddels zijn we zo’n dikke tien jaar verder en niemand heeft zich wat van dat rapport aangetrokken. De Nederlandse universiteiten zijn steeds verder verengelst en tegenwoordig is het normaal dat het academische jaar ook in het Engels geopend wordt. De KNAW gaat de taalsituatie aan de universiteiten weer eens onderzoeken. KNAW-president José van Dijck noemde de kwestie  op een VSNU-symposium heel actueel, maar dat is die natuurlijk alles behalve.  Kennelijk moet ze zich nog inlezen en een beetje om zich heenkijken. De Nederlandse universiteiten hebben al lang hun rug naar de Nederlandse samenleving gekeerd en hebben uit marketingoverwegingen gekozen voor het Engels, zoals ook maar weer eens blijkt uit het symposiumverslag.

Sedert de rector-magnificus is onttroond als hoofd van de universiteit en de voorzitter van een college van bestuur de skepter aan de alma mater zwaait, zijn universiteiten zich gaan gedragen als bedrijven die omzet moeten maken. Die hebben geen boodschap aan wetenschap en cultuur maar aan omzetcijfers. Het is natuurlijk uiterst vreemd dat instellingen die op zoek zijn naar feiten over hoe de wereld (en omstreken) in elkaar steekt, zich bij de overstap van het Nederlands naar Engels als communicatietaal aan de Nederlandse universiteiten zich niet of nauwelijks door feiten hebben laten leiden. Ik ken weinig onderzoek naar de invloed van de gebruikte lestaal bij universiteiten op de kennisoverdracht. Die ik ken zijn niet echt positief. Meneer Paul, collegevoorzitter van de zulo in Maastricht, zei op het VSNU-symposium dat we ons niet door emoties zouden moeten laten leiden bij de discussie over de taal van de universiteit. Nee, Paul houdt zich liever met euro’s bezig. Dat universiteiten ook een belangrijke culturele taak hebben in een samenleving die ze van de middelen voorziet, weet deze brave, mollige borst waarschijnlijk niet en als ie het wel weet heeft ie er geen boodschap aan.

Samenleving

Als de Nederlandse universiteiten steeds meer hun rug keren naar de Nederlandse samenleving, dan zouden die universiteiten niet raar moeten opkijken als die samenleving op een gegeven moment zegt: doppen jullie je eigen boontjes maar.  Voorlopig zie ik het ons parlement nog niet zeggen. Die zijn maar al te enthousiast over de verengelsing van het Nederlandse onderwijs.
En ons Jetje? Och gut, die Jetje. Hoe die minister van onderwijs geworden is mag god weten, maar veel onderwijs lijkt ze niet genoten te hebben of daar althans weinig van te hebben opgestoken. Jetje vindt dat er best nog wel veel Nederlands gebruikt wordt op de Nederlandse universiteiten, zei ze niet al te lang geleden in een vraaggesprek. De lieve schat is zich er kennelijk niet bewust van dat de wet voorschrijft dat Nederlands de voertaal is aan de Nederlandse universiteiten. Die regel, ik heb het al vaker gezegd, wordt met voeten getreden onder de ogen van opeenvolgende onderwijsminsters en -staatssecretarissen. Die taalclausule is in wet terechtgekomen door toedoen van (wijlen) Aad Nuis. Een D66-er, net als mannetje Pechtold en Sofprijswinnaar Jan Paternotte. Beide laatste enthousiaste voorstanders van de verengelsing van het Nederlandse onderwijs. Het kan verkeren.

Laaggeletterdheid failliet Nederlands onderwijs

Laaggeletterden
Veel meer laaggeletterden dan overheid aanneemt

Volgens de Algemene Rekenkamer heeft Nederland geen 1,3 miljoen maar 2,5 miljoen laaggeletterden
Door 65-plussers niet mee te tellen, houdt het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap hun aantal kunstmatig laag. Lees verder Laaggeletterdheid failliet Nederlands onderwijs

We zouden elkaar beter kunnen verstaan

Germaanse talen in EuropaNederlandse kinderen zouden een andere Germaanse taal sneller leren als  het onderwijs zich meer richt op verstaan dan op spreken en schrijven. Dat stelt Femke Swart die een onderzoek heeft gedaan naar de onderlinge verstaanbaarheid van Germaanse talen. We praten dan over Nederlands, Fries, Duits, Engels, Zweeds, Noors en Deens (Swarte heeft niet alle Germaanse talen bekeken). Zo zouden meer verschillende Germaanse talen kunnen worden onderwezenen en kan de diversiteit aan talen binnen de Europese Unie beter worden beschermd, denkt Swart. Lees verder We zouden elkaar beter kunnen verstaan

Rutte zet Nederland(s) te kijk in EP

Rutte praat Engels
Rutte in EP januari 2016

Mark Rutte is als premier van Nederland een half jaar ‘voorzitter’ van de EU. Uit dien hoofde spreekt hij het Europese parlement toe. Normaal gesproken doen mensen dat in hun eigen taal, in dit geval dus het Nederlands, maar niet Rutte. Ik heb het niet over de kwaliteit van zijn Engels (dat is vrij slecht voor iemand die zegt in het Engels te dromen), maar over een politicus die zichzelf en het Nederlands te schande zet. Het is onbegrijpelijk dat een minister van buitenlandse zaken zijn premier zo voor joker laat staan voor het oog en oor van gans Europa! Vette Sof voor Markje!

Jet vindt dat het wel meevalt

Geert Grote PenJet Bussemaker, onze wat stuntelige minister van onderwijs, cultuur & wetenschappen vindt dat de hoeveelheid Engels aan de Nederlandse universiteiten nogal meevalt. “Eigenlijk zie je het bijna alleen maar bij het masteronderwijs; er zijn maar weinig Engelstalige bacheloropleidingen”, zegt ze in een vraaggesprek met Kennislink.  Nee Jet, het val helemaal niet mee en zeker niet als je bedenkt dat volgens de wet het Nederlands de voertaal is op de Nederlandse universiteiten. Ooit, ik dacht dat in 2010 was, verkondigde verkondigde ene Ad van Deemen met trots dat er bij hem, het baasje gaf aan de Radbouduniversiteit bedrijfskunde, dat er bij hem geen Nederlandstalige scriptie door zou komen. Onwetenschappelijk, beweerde de sukkel, die alleen al om zo’n uitspraak had moeten worden ontslagen en de taalverdringing aan de Nederlandse universiteiten gaat onverminderd voort. Onlangs heeft de stichting Geert Grote Pen (lijkt me wat te veel spaties, maar zo heet die stichting) besloten na vijf jaar te kappen met die prijs. Die prijs was bedoeld voor de beste wijsgerige eindscriptie. Nederlandstalig, wel te verstaan. Dit jaar waren er al heel weinig inzendingen uit Nederland. Volgens de stichting geldt er aan de Nederlandse universiteiten een de facto taalverbod als het gaat over de taal van eindscripties. Dat desastreuze taalbeleid van de Nederlandse universiteiten, de Vlaamse zijn nog niet zo ver heen, heeft de stichting doen besluiten te stoppen met de Geert Grote Pen. Nee Jet, het valt helemaal niet mee met het Engels op de Nederlandse universiteiten. Het Nederlands wordt er uit gerangeerd en de politiek, met Bussemaker aan het hoofd, kijkt er naar er roept dat het nogal meevalt. Hoe wordt zo iemand minister? Die iemand is ook nog verantwoordelijk voor de Taalunie. God hebbe haar ziel (en dan heb ik het over de Taalunie)…