Maandelijks archief: mei 2013

Geschiedenis Nederlandse taal in het Engels verschenen

Het was nieuws in, onder meer, De Standaard: er is een nieuw boek over de geschiedenis van het Nederlands verschenen, geschreven door oud-hoogleraar Roland Willemyns (VUB). En hij schreef die geschiedenis?… Ja, je raadt het al: in het Engels (‘Dutch: Biography of a Language; compleet met die rare HoofletterManie van de Amerikanen).
Ik denk dan: ligt het niet voor de hand dat zo’n standaardwerk, want dat moet het toch wel zijn, in de eerste plaats in de taal geschreven wordt waar dat over gaat. Niet dus. Zo langzamerhand hoef je niet vreemd op te kijken als neerlandici zich met elkaar in Engels verstaan over het voorwerp van hun studie: het Nederlands. Ik kan het niet helpen dat ik dat een bezopen situatie vind. Heeft natuurlijk alles te maken met de fikse verlaging van de status van het Nederlands in Nederland door de overheersing van het Engels in het academisch onderwijs in Nederland en het, soms, zelfs verbieden van het gebruik van het Nederlands aan de Nederlandse universiteiten. Wie zou in zo’n taal een wetenschappelijke verhandeling durven te schrijven? Willemyns in ieder geval niet.

Wordt dat machinevertalen ooit wat?

Google Translate slaat er al een aardige slag naar als er teksten vertaald moeten worden, maar het resultaat is vaak houterig en toch niet altijd even begrijpelijk. Microsoft werkt al een tijdje aan machinevertalen en het lijkt er op (mijn Chinees is niet meer wat het geweest is) dat een Chinees gehoor enthousiast is over het resultaat. Elke keer als het knauwende Amerikaanse wordt vertaald in het, naar ik aanneem, Mandarijn, stijgt er ten minste een klaterend applaus op. Nou zegt die meneer van Microsoft niet van die heel moeilijke dingen. Dat zal dus wel goed zitten met de vertaling, maar het probleem is of het ook gaat lukken als de tekst wat lastiger wordt. Microsoft zou niet met klanken (fonemen) werken, maar met combinaties van 3 fonemen (= 1 senon). In het Engels hebben we het dan over zo’n 9000 zogeheten senonen (zo noemt express.be die). Dat zou het vertaalresultaat aanzienlijk verbeteren (lees ook mijn artikel op sync.nl ).
Hoe dan ook, het lijkt weer een stapje op weg naar het verdwijnen van de tolken van internationale vergaderingen (zonder dat iedereen de voertaal hoeft te beheersen) en, hopelijk, van de onvermijdelijkheid van het steenkolenengels. Lekker Nederlands praten met een Pekinees. Ik zou er zó voor op reis gaan (waar ik overigens een vrij grote hekel aan heb).

Bron: express.be

Een reus ging in stilte heen

Pas vandaag las ik dat Piet Paardekooper vorig week is overleden. Hij was niet in de wieg gesmoord (want 92). Ik leerde hem ‘kennen’ via zijn serie radiopraatjes in de jaren ’60 over het Nederlands in België. Dat heeft kennelijk zo’n indruk om me gemaakt dat ik van die taal ben gaan houden. Dat is natuurlijk niet zo slim, maar daar wil ik het niet over hebben.
Prof.dr.P.C.Paardekooper Er is, wat mij betreft, een reus heen gegaan. Iemand die zich druk maakte over het Nederlands (e.o.) en daar, aanvankelijk tenminste, gehoor voor vond. Zijn wetenschappelike spelling heeft het nooit gehaald, maar dit was een taalkundige die hart had voor zijn taal en daar voor uit kwam. Dat is iets wat, zo krijg ik telkens weer de indruk, bij moderne taalkundigen ontbreekt. Taal is een wetenschappelijk object en daar moet je niet emotioneel over doen. Talen komen en talen gaan en zo’n lange (of korte) doodstrijd is toch een buitengewoon interessant proces om te volgen? Nou dan.
Er zijn vele leraren en hoogleraren die zich beroepshalve met mijn taal bezig houden. Hoor je die wel eens over de alom heersende anglowaan? Als dat zo is dan hebben ze een iel stemmetje. Het gaat zoals het gaat, zou mijn (ook) oude vader zeggen, maar is taal echt zo’n waardeloos object dat niet de moeite waard is om voor te strijden? Hooguit een object dat je kunt bestuderen? Ik heb het vaker gezegd en zeg het bij wijze van afscheid van een reus: een taal is een rijk bezit (wees daar zuinig op).