Tagarchief: Taalverdringing

Jet vindt dat het wel meevalt

Geert Grote PenJet Bussemaker, onze wat stuntelige minister van onderwijs, cultuur & wetenschappen vindt dat de hoeveelheid Engels aan de Nederlandse universiteiten nogal meevalt. “Eigenlijk zie je het bijna alleen maar bij het masteronderwijs; er zijn maar weinig Engelstalige bacheloropleidingen”, zegt ze in een vraaggesprek met Kennislink.  Nee Jet, het val helemaal niet mee en zeker niet als je bedenkt dat volgens de wet het Nederlands de voertaal is op de Nederlandse universiteiten. Ooit, ik dacht dat in 2010 was, verkondigde verkondigde ene Ad van Deemen met trots dat er bij hem, het baasje gaf aan de Radbouduniversiteit bedrijfskunde, dat er bij hem geen Nederlandstalige scriptie door zou komen. Onwetenschappelijk, beweerde de sukkel, die alleen al om zo’n uitspraak had moeten worden ontslagen en de taalverdringing aan de Nederlandse universiteiten gaat onverminderd voort. Onlangs heeft de stichting Geert Grote Pen (lijkt me wat te veel spaties, maar zo heet die stichting) besloten na vijf jaar te kappen met die prijs. Die prijs was bedoeld voor de beste wijsgerige eindscriptie. Nederlandstalig, wel te verstaan. Dit jaar waren er al heel weinig inzendingen uit Nederland. Volgens de stichting geldt er aan de Nederlandse universiteiten een de facto taalverbod als het gaat over de taal van eindscripties. Dat desastreuze taalbeleid van de Nederlandse universiteiten, de Vlaamse zijn nog niet zo ver heen, heeft de stichting doen besluiten te stoppen met de Geert Grote Pen. Nee Jet, het valt helemaal niet mee met het Engels op de Nederlandse universiteiten. Het Nederlands wordt er uit gerangeerd en de politiek, met Bussemaker aan het hoofd, kijkt er naar er roept dat het nogal meevalt. Hoe wordt zo iemand minister? Die iemand is ook nog verantwoordelijk voor de Taalunie. God hebbe haar ziel (en dan heb ik het over de Taalunie)…

B&w Amsterdam: tweetalig basisonderwijs geen prioriteit

Het treurverhaal van Jan Paternotte gaat gewoon door. Deze wakkere grachtengordelaar blijft zich immer inzetten voor de verengelsing van Amsterdam. B&w van Amsterdam heeft hem gezegd dat tweetalig basisonderwijs geen prioriteit van de gemeente is. Laat de kinderen met een taalachterstand eerst maar eens fatsoenlijk Nederlands leren, zegt b&w tegen de koene angelskiljon. Voor dat standpunt heeft de burgemeester (en zijn wethouders) de MaandLof geoogst van de schrijfgroep van de stichting Nederlands. Er lijkt dus toch nog verstand te zijn in het land van de politiek.
Paternotte heeft nauwelijks argumenten voor zijn grote wens het Nederlands te verdrijven, maar is zich óf daarvan niet bewust óf hij heeft een andere agenda. In beide gevallen zou hij toch eigenlijk een andere baan moeten zoeken en niet die, zoals hij trots op zijn stek meldt, van kandidaatlijsttrekker van D66 in Amsterdam moeten ambiëren.
Overigens moeten we ook niet te vroeg juichen. B&w hebben zich uitgesproken, maar zullen ze zich ook aan hun woorden (kunnen) houden? In Den Haag zit nog zo’n dwingeland die vindt dat het Nederlands wel een toontje lager mag zingen: meneer Sander Dekker. Ook geen hoogvlieger, maar hij zit wel op een plek waar hij bij de knoppen kan: (veel) meer Engels op de basisschool. En nee, we moeten niet geloven dat hij, net als Paternotte, het slecht voor heeft met het Nederlands…

Paternotte: “Niet meer van deze tijd”

Tweetalig onderwijs op alle Amsterdamse basisscholen vanaf groep 3 (zes jarigen), daar pleit onze geliefde vijand D66-fractievoorzitter in de Amsterdamse gemeenteraad Jan Paternotte voor. Mensen die daar tegen zijn zijn “niet meer van deze tijd”. In de discussie op de Amsterdamse zender AT5 onderschreef de D66-er volharding de stelling dat kinderen vanaf groep drie tweetalig onderwijs moeten krijgen. Paternotte onderbouwt zijn stelling dat dat goed is voor de internationale loopbaankansen op geen enkele manier. Hij geeft ook geen antwoord op de vraag of de kinderen door slechte beheersing van het Engels nu kansen missen. De Amerikanen hebben een een gezegde dat, vertaald luidt: Als het niet kapot is, dan hoef je het niet te maken. Paternotte, het is niet kapot. Ik heb geen tweetalig onderwijs gehad en ik denk dat ik me zeer aardig kan redden in het Engels, maar ook in het Duits. Ook een grote arbeidsmarkt, Paternotte. Ik geef toe dat het in Nederland geen gebruik is voor je taal in de bres te springen, maar je zou toch op zijn minst de discussie op basis van inhoudelijke argumenten te voeren en geen betekenisloze kreten als “dat is niet van deze tijd”. Was D66 niet ooit die redelijke partij? Ik wil dat rede in redelijk dan graag lezen als ratio, verstand.

Wat is r toch mis met die Hollanders?

Ik ben net opgebeld door AT5, de Amsterdamse zender, die me een stelling voorlegt: Amsterdamse basisscholen moeten vanaf groep 3 tweetalig worden. Waarom? Wordt het Amerikaans er nog niet hard genoeg in geramd? Het enige dat ik kan bedenken is dat je daar voor bent als je vindt dat het Nederlands zijn langste tijd heeft gehad. Weg er mee. Als dat niet het argument is, dan kan ik alleen maar bedenken dat mensen zo’n stelling aanhangen als ze geen seconde over de gevolgen van de verdere verengelsing van het basisonderwijs hebben nagedacht of, en dat is pijnlijker, niet de intellectuele vermogens hebben dat te doen. Ik moet tot mijn leedwezen erkennen dat de roep om meer Engels breed gesteund wordt. Je bent niet meer van deze tijd als niet voor meer Engels bent.

Volgens de Australische taalkundige Alison Edwards houden Nederlanders van hun taal (ze heeft daar onderzoek naar gedaan). Waarom is daar dan in de dagelijkse praktijk zo weinig van te merken? Als de Nederlander maar ff de kans krijgt om Engels te praten, zal hij laten zien dat ie dat ook echt kan

Anglomane reflex
Nederlanders willen graag laten horen dat ze een mondje Engels spreken

. Trots. Trots? Het lijkt de trots van een levensgroot minderwaardigheidscomplex, van klein provincialisme. Ook ander landen worden ‘belaagd’ door het Engels (of eigenlijk het Amerikaans), maar daar lijkt de taaltrots toch iets meer te betekenen dan in dit kikkerlandje. Amsterdam is bang dat ze in het buitenland merken dat we hier Nederlands praten. Aj emsterdem. Dan kunnen we maar beter zo snel mogelijk over op het Amerikaans. De stad waar ik eens heb gelachen en geweend.

Nederlanders blij met Nederlands, zegt Alison

Alison Edwards is een Australische die in het Engelse Cambridge Nederlands studeert. Ze doet onderzoek naar de waardering van de Nederlanders voor hun taal en naar de invloed van het Engels. Een paar weken geleden stelde ze in een vraaggesprek in De Volkskrant dat als Nederlanders zo achteloos met hun taal blijven omgaan, het Nederlands binnen een paar decennia is verdwenen. De buitenlanders moeten ons een spiegel voorhouden, denk je dan in je onschuld.

Maar wat lees ik vandaag in Trouw: Engels geen bedreiging voor het Nederlands. Nederlanders schijnen zelfs gecharmeerd te zijn van hun taal en Nederlands belangrijker dan Engels te vinden. Dat vindt tenminste het merendeel van de 2000 door Alison ondervraagde Nederlanders. Daarmee wordt het geen waarheid. Sommige dingen worden gewoon niet bij democratische meerderheid beslist (Vinden we dat water bij 100 graden Celsius kookt?).

De Australische taalkundige schetst in haar artikel dat het tertiair onderwijs al grotendeels is verengelst, dat dat doorsijpelt naar lagere onderwijsvormen en dat er nu ook op de basisschool meer (les in het) Engels gaat komen. Ze haalt dan vervolgens een vreemde rekentruc uit: meer Engels betekent niet minder Nederlands, maar dat de (taal)taart groter wordt. Mevrouw Edwards mag taalkundige zijn, maar van rekenen heeft ze geen verstand of is er een taalkundige rekenmethode die alle wetten van de rede tart? Ik wil dat niet uitsluiten, maar op het ogenblik houd ik vol dat Alison niet kan rekenen. En ik vraag me natuurlijk af: wat is er gebeurd tussen het vraaggesprek in de Volkskrant en het opinieartikel in Trouw?

Aankondiging van de TiNT-dag op 25 oktober a.s.

Vrijdag a.s. wordt er een dag besteed aan de verdringing in het Nederlandse taalgebied van het Nederlands door het Engels, met volle medewerking van politici en grote delen van het het Nederlandse en Vlaamse onderwijs. Bij de uitnodiging op de stek van de Taalunie stond bijgaande tekst. Ter overdenking van wat we onszelf aandoen. De tekst is enigszins bekort.

“Het Engels wint steeds meer terrein ten koste van het Nederlands. Zo is er aan de universiteiten een groeiende tendens om master- en doctoraatsopleidingen in het Engels aan te bieden en tellen wetenschappelijke publicaties niet meer mee als ze alleen in het Nederlands verschijnen. Op de VUB vindt op 25 oktober 2013 een studiedag plaats over de wenselijkheid van deze evolutie.

Voor economen is het een gunstige ontwikkeling, maar hebben ze gelijk? Kunnen we maar beter afstand nemen van de gedachte dat de moedertaal de cultuur draagt waarbinnen elk individu zich heeft ontplooid? Is het tenslotte niet onze eerste taal die ons creatief denken mogelijk maakt, of ten minste toch aanscherpt, bv. via metaforen? En is het niet onze eerste taal waarin we ons genuanceerd kunnen uitdrukken?

Europa heeft hierover een stelling ingenomen. De Europese burger heeft recht op informatie over en communicatie met de Europese Unie in zijn of haar eerste taal, tenminste als die taal behoort tot de 24 officiële Europese talen. Het is een mooi en weloverwogen principe, maar in de praktijk is ook binnen de Europese instellingen het Engels de belangrijkste werktaal (soms ook nog het Frans en heel af en toe het Duits).

Als zowel onderwijs en wetenschap, als innovatie en beleidsvorming het Engels als eerste taal gebruiken, riskeren we domeinverlies en/of functieverlies in alle andere talen. Dat wil zeggen dat er niet meer ten volle kan worden nagedacht, gedoceerd, gepubliceerd en gediscussieerd over een aantal vakgebieden in die talen omdat de terminologie niet meer actief wordt ontwikkeld. Welke toekomst hebben de andere Europese talen naast het Engels dan in Europa? Is er gevaar voor domein- en functieverlies binnen het Nederlandse taalgebied?

Op deze vragen krijgt u een antwoord van de sprekers tijdens de TiNT-dag (de dag van de Terminologie in het Nederlandse Taalgebied), die op 25 oktober 2013 op de campus van de VUB plaatsvindt. De buitenlandse gastspreker is prof. dr. Marita Kristiansen (Departement Professionele en Interculturele Communicatie (Norwegian School of Economics), Bergen, Noorwegen). Zij is expert op het gebied van vaktaal en communicatie met publicaties over o.a. domeinverlies en taalplanning. Alle andere sprekers zijn Nederlandstaligen die zullen ingaan op de problematiek van domeinverlies en die verslag zullen doen van hun ervaringen met Nederlandstalig terminologie.”

Ann Goldstein zwijgt in alle talen

SM-directeur Ann Goldstein Ja, het is natuurlijk de beste manier om onaangenaamheden te verdonkeremanen: je zwijgt er over. Het Stedelijk Museum in Amsterdam heeft de Sofprijs der Nederlandse taal 2012 gekregen voor het al te anglowane taalgedrag van dit voor veel geld opgeknapte plaatselijke museum. Ann Goldstein is Amerikaanse en directeur van het Stedelijk. Al eerder kwam zij negatief in het nieuws door, met medeweten van de plaatselijke wethouder, een advertentie voor een assistent met moedertaal Engels. Dat mens had kennellijk niet in de gaten dat ze niet in Amerika woont (in delen van Amsterdam is dat inderdaad lastig te ontdekken). Nu zwijgt de goede Goldstein in alle talen, zelfs in het Engels.
Ik houd de minieme kans nog voor mogelijk dat haar antwoord wat op zich laat wachten, omdat zij, ocharm, de Nederlandse taal niet goed (?) machtig is na toch al weer jaren in Amsterdam gevestigd te zijn. Ik geef het weinig kans. Je kunt het maar beter doodzwijgen…

CvB’s Amsterdamse universiteiten knettergek geworden

Faculteitsgebouw NatWet van UvABeide Amsterdamse universiteiten willen een gezamenlijke bèta-faculteit oprichten en alles, tot aan de naamgeving aan toe, is Engels (Amsterdam Science Faculty). Je kunt daar vier richtingen kiezen: Human Life Science, Science for Sustainability, Fundamentals of Science en Information Science – gevestigd op het Science Park en de Zuidas. Dit waanzinnige plan, door de besturen van college propositie genoemd, gaat zo’n slordige € 100 miljoen kosten. En waarom? Om meer in de grote wetenschappelijke bladen geciteerd te worden. Zonde van het geld. Kun je beter steken in onderzoek en niet in gebouwen.
Sinds er bij universiteiten, tegenwoordig eerder zeer uitgebreid lager onderwijs (zulo), colleges van bestuur zijn gekomen, zijn die instellingen volledig de weg kwijt. De mannetjes, ja meestal mannetjes, denken in omzetten en gebouwen en hebben niets, helemaal niets met wetenschap.

Niederländisch ist eine Klassesprache.

“Jürgen Joschka Grünlich Kurt L. • vor 2 Tagen
Also, ich bin Deutscher und nicht psychisch krank, sondern mir geht’s richtig gut! Ich find Deutschland klasse und die deutsche Sprache schön! Andere Sprachen sind auch sehr nett! Ganz oben steht für mich das Niederländisch! Klassesprache!” In een discussie over de teloorgang van het Duits als wetenschapstaal nav ene artikel in Die Welt schreef meneer Grünlich (Jürgen? Kurt?) bovenstaande lof op het Nederlands (Nederlands supertaal). Dan hoor je het eens van een ander…

Oranje op de bres voor het Engels.

Amerikaanse openingEen paar jaar geleden kreeg de toenmalig premier Balkenende de Sofprijs, omdat hij de rede bij de opening van het academische jaar in het Engels uitsprak. Hij vond dat ie de prijs niet verdiende. Twee jaar geleden besliste de rector van de Groninger Rijksuniversiteit nog om de opening toch maar in het Nederlands te houden, maar de dijkdoorbraak is daar. Prins Constantijn hield op 3 september bij de opening van het academische jaar aan de Erasmus-universiteit in Rotterdam zijn rede in het Engels, nadat hij simpelweg meedeelde dat de rede in het Engels zou zijn. Zo helpt het Huis van Oranje driftig mee de positie van de landstaal in Nederland te ondergraven. Zijn moeder blinkt ook al niet uit in liefde voor het Nederlands. Bij tafelredes voor buitenlandse gasten, spreekt ze meestal Engels, terwijl het bij staatsbezoeken een goed gebruik is dat elkaar ontmoetende staatshoofden hun eigen taal spreken. Engels is kennelijk haar taal. Op 22 september opende zij het voor veel geld verbouwde Stedelijk Museum. SM-directeur Ann Goldstein bleek zich nog niet verwaardigd te hebben zich het Nederlands eigen te maken. Ze hield, o onbeschoftheid, haar toespraak in het Engels.
En Hare Majesteit? Hare Majesteit onthulde bij wijze van opening een Engelstalig punnikwerkje, terwijl een koor Engelse gezangen ten gehore bracht. De eerste tentoonstelling in het vernieuwde SM heet Beyond Imagination.
Mediterrane allochtonen worden geacht zich in te burgeren en zich het Nederlands eigen te maken. Westerse allochtonen zijn daar kennelijk van vrijgesteld.